Weekbrief 3 april 2020

Lieve mensen,

A.s. zondag, 3 april, is het Palmpasen, daarna volgt de Goede of Stille Week, met daarin Witte Donderdag en Goede Vrijdag, en ten slotte Pasen. Voor al die momenten hadden we plannen gemaakt voor gezamenlijke bijeenkomsten met de Doopsgezinden en de Huiskamergemeente. Dat die Stille Week uiteindelijk echt een “stille” week zou worden hadden we niet kunnen voorzien.

Gelukkig zijn er mogelijkheden om toch samen, zij het op grote afstand van elkaar, deze momenten te beleven. In de achter u liggende week zijn filmopnames gemaakt, waarbij Paul Delcour (uit de Kapel in Hilversum) van onschatbare waarde is geweest. Daardoor kunt u kijken naar diensten met Peter Korver, Annegreet van der Wijk en/of Tina Geels. Daarnaast geven we u graag nog enkele andere mogelijkheden voor de komende week:
– Zondag 5 april, Palmzondag:
ds. Annegreet van der Wijk en ds. Peter Korver vanuit de doopsgezinde kerk: www.majellakapel.nl
ds. Tom Rijken vanuit De Kapel in Hilversum: www.dekapel.nu
ds. Claartje Kruijff vanuit de Remonstrantse kerk: www.youtube.nl
– Maandag 6 april, dinsdag 7 april, woensdag 8 april: vespers vanuit De Kapel in Hilversum: www.dekapel.nu
– Donderdag 9 april, Witte Donderdag, ds. Peter Korver en ds. Annegreet van der Wijk vanuit de Majellakapel : www.majellakapel.nl
– Vrijdag 10 april, Goede Vrijdag 10 april: meditatie met ds. Tina Geels vanuit de Majellakapel , www.majellakapel.nl
– Zondag 12 april, Pasen: ds. Peter Korver en ds. Annegreet van der Wijk vanuit de doopsgezinde kerk: www.majellakapel.nl

Het blijft verdrietig, dat niet iedereen van deze diensten gebruik kan maken. Ik kan u ook nauwelijks aanraden om bij iemand anders te kijken, omdat de meesten van ons nu eenmaal in de leeftijdscategorie zitten dat we voorzichtig moeten zijn en geen risico moeten nemen. Ik kan alleen maar herhalen dat u niet moet aarzelen om de telefoon te pakken als u graag een gesprek zou willen met Peter, Joke, of een van de bestuursleden. We zijn er voor u.
Marijke Katerberg-Muns

Witte Donderdag

Je hebt je vrienden bijeengeroepen,
hun vuile voeten als een knecht gewassen;
meteen zond Jij hen weg om te ontmoeten
wie niet in deze kille wereld passen.

Je vroeg hen: doe als Ik en ga naar buiten,
en blijf elkaar met dit gebaar verrassen
in plaats van je in kerken op te sluiten
Je moet steeds anderen de voeten wassen.

Het stof van al de wegen van ons leven,
kom, was het van de stukgelopen voeten.
Kom, geef dat onze handen hen genezen
die ver van huis geen goede vriend ontmoeten.

Het helder water stromend uit jouw bronnen
wast onze voeten, zuivert onze wonden.
Als boden van jouw vrede, hier begonnen,
zo worden wij de wereld in gezonden.

overgenomen uit een “Blog van Mirjam”, uit “Leven en Meer”

Onwezenlijk en wezenlijk
Nog maar een maand geleden hoorden we dat nu ook in Nederland iemand besmet was door het coronavirus. De eerste besmetting werd op 27 februari vastgesteld. We zijn ruim een maand verder. Op het moment dat ik dit schrijf, 1 april, heeft het RIVM laten weten dat zover bekend 1039 mensen aan het virus zijn overleden en bij 12.595 personen de ziekte is vastgesteld. De meesten van ons leven sindsdien zoveel mogelijk op zichzelf of alleen met echtgenoot. Thuis blijven, niemand ontvangen, ook je kinderen en kleinkinderen niet, en uiteraard ook zelf nergens op bezoek gaan. De telefoon is vaak de enige manier nog om contact met ‘buiten’ te hebben. Er zijn ook mensen voor wie de vier muren van de eigen kamer de grenzen van de eigen wereld zijn geworden.

De afgelopen periode heb ik zowel als onwezenlijk als heel wezenlijk ervaren. Onwezenlijk. Is dit allemaal echt? Wat gebeurt er? Eerst: maken we ons misschien wat al te druk over een griepgolf? Eerst: we doen wat lacherig over het elkaar liever maar geen hand geven. Dan: van dag tot dag raken we een beetje meer doordrongen van de ernst van de situatie. Afstand houden, minstens anderhalve meter. Geen samenkomsten van meer dan honderd mensen. Nou ja, onze zondagmorgen bijeenkomsten blijven daar altijd onder. Nee, beter om elkaar helemaal niet te ontmoeten…

Onwezenlijk. Ik snap dat een aantal van u vertelde dat het soms associaties oproept aan oorlog en onderduiken. Afgelopen dinsdag noemde de premier bij zijn persconferentie het woord oorlog ook al: “Buiten oorlogstijd is dit een van de hevigste crises waar wij in Nederland ooit doorheen zijn gaan.” Onwezenlijk is het ook als je leest dat na jaren van bezuinigingen en tekorten op de zorg en van problemen om het pensioenstelsel in stand te houden, de regering in zeer korte tijd 65 miljard euro vrij kon maken voor een economisch hulpplan. Onwezenlijk ook voor onze geloofsgemeenschap. Maandenlang geen kerkdienst en geen enkele bijeenkomst. Zelfs tijdens de oorlog kon dat nog. Komende week zou ik, net als zoveel anderen, de Matthaus Passion bezoeken. Ook die gaat niet door. De laatste keer dat die gecanceld werd, was in 1945…

Wezenlijk. Wat is wezenlijk naast alle verwarring en commotie? Natuurlijk, dat wij er goed doorkomen en dat we er voor elkaar zijn. Kort geleden kwam ik dit citaat tegen, dat me raakte, een zin uit de overpeinzingen van de Romeinse keizer-filosoof Marcus Aurelius: “Diegenen, die de bewegingen van hun ziel niet nauwlettend volgen, zullen noodgedwongen ongelukkig zijn.” In deze tijd van noodgedwongen sociaal isolement worden wij door hem opgeroepen om de bewegingen van onze ziel nauwlettend te volgen. Je kan uitsluitend in de greep blijven van de bestrijding van een dodelijk virus. Maar je ziel kan zich ook openen voor de glimp die ons wordt getoond van een andere, toekomstige wereld. Er is een kanteling naar enige matiging in onze consumptie, naar meer naar elkaar omkijken, naar minder uitputting van onze planeet, naar meer duurzaamheid. Het gemotoriseerde verkeer is bijna stil gevallen. De atmosfeer om onze aardbol klaart op nu er nog nauwelijks vliegtuigen gaan. Mensen hebben op een nieuwe en betrokken manier zorg voor elkaar. Het zijn kleine tekenen van een mogelijk leefbaardere samenleving. Als wij dit alles aandachtig waarnemen en luisteren naar onze ziel zullen wij hieruit nieuwe hoop kunnen putten.
ds. Peter Korver

Wantrouwen en vertrouwen
De meeste kinderen groeien op in een sfeer van vertrouwen, in het bijzonder ten aanzien van hun ouders. Daardoor voelen zij zich thuis geborgen in een veilige omgeving. Helaas zullen zij later ervaren dat niet alle mensen en instellingen betrouwbaar zijn. Maar in het algemeen zal men beginnen met een zeker vertrouwen.

Zo waren banken heel lang instellingen die een groot vertrouwen genoten. Helaas is daarin een verandering gekomen in 2008, het jaar van de bankencrisis. Velen zijn toen de dupe geworden van het kwalijke gedrag van bankiers. Het is gebleken dat het wantrouwen jegens banken en verzekeraars met hun woekerpolissen nog lang niet is verdwenen. En nog steeds is de zelfverrijking via bonussen en dergelijke van de top van de banken een bron van ergernis en achterdocht bij veel mensen. Een eenmaal ontstaan wantrouwen maakt niet snel plaats voor een vernieuwd vertrouwen. In deze gevallen is er sprake van een terecht gekoesterd wantrouwen.

Maar in deze tijd kom je ook veel misplaatst wantrouwen tegen. In vroeger tijden hechtte men aan vakmanschap. Men besefte dat er een grondige scholing nodig is om een vak onder de knie te krijgen. Er ontwikkelde zich een systeem waarbij een leerling eerst een periode bij een vakman de grondbeginselen van het vak leerde. Later ging de leerling zich vaak elders verder bekwamen, hij was dan een gezel. En door het afleggen van een meesterproef kon de gezel zich een meester-schilder, -schoenmaker, enz. betonen. De universitaire graden sluiten bij deze vorm van scholing aan.

In deze tijd vindt er vaak een miskenning van het vak plaats. Nog niet zo lang geleden werd de mensen wijs gemaakt dat iedereen kan leren verhalen te schrijven of te schilderen. Dat klonk mooi, maar miskent het vak. Scholing is daar van grote betekenis, zoals al gezegd, maar er is ook aanleg, talent, voor nodig. En dat laatste heb je of je hebt het niet.

Tegenwoordig denkt men soms dat het raadplegen van het internet voldoende is om zich een betrouwbare mening te vormen. Maar lang niet alles wat internet biedt is betrouwbaar. Op grond van misleidende informatie laten ouders hun kind soms niet inenten tegen kwalijke ziekten, omdat zij mening dat hun kind daardoor autistisch zou kunnen worden. Wetenschappers wijzen dat als onzin af; autisme is aangeboren.

Merkwaardig is ook, dat in onze zogenaamd postmoderne tijd wel wordt beweerd, dat elke mening even waar of onwaar zou zijn. Dan kom je terecht in een situatie dat men wetenschappelijke uitspraken gaat opvatten als meningen naast andere.

Het is zeker zo, dat wetenschap niet statisch is. Wetenschap is een voortdurende dialoog, maar dan wel een dialoog van vakmensen. Het is daarom verstandig je in deze tijd te houden aan de maatregelen van het kabinet, dat voortdurend te rade gaat bij de vakmensen van het RIVM en andere deskundigen.
Vertrouwen brengt ons hier verder dan alle vormen van wantrouwen.
dr. Rob Nepveu

Ik heb de hele winter niet geweten (Paul Verbruggen (1891-1966))
Ik heb de hele winter niet geweten Hij stond zo schitterend
dat er van U, op het donkergroene mos,
diep in dit dode woud, zo enig licht
ergens wat goud tussen het koude naakte hout,
bedolven lag. en iets wat ik de ganse winter was vergeten
ging weer aan ’t smeulen met een teedre gloed.
Met lege hand en hart
en tot geen offerande klaar Zo stond ik lang
trad ik in ’t bos en vond gelukkig en verenigd
Uw eerste krokus in de zon. met die kleine krokus in de zon,
en wist opeens hoe diep de kleinste dingen leven
en zei heel simpel: God, hoe mooi!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *