Weekbrief 22 mei 2020

Lieve mensen,

Ongetwijfeld hebt u de afgelopen week ook gevolgd of er inderdaad versoepelingen komen in de omgangsvormen die ons door de coronacrisis opgelegd zijn. We snakken ernaar om elkaar weer gewoon onbevangen te kunnen ontmoeten. Het lijkt erop, dat er voorzichtig weer bezoek mogelijk zal zijn in de verzorgingshuizen. Heel fijn, voor al die mensen die daar al zo lang nauwelijks contacten konden hebben met geliefden. Ook voor samenkomsten in onze Majellakapel komen er weer wat meer mogelijkheden. Voorlopig blijven we nog heel voorzichtig. Meer mensen in één ruimte mag dan straks wel weer, maar als de stoelen op 1,5 meter van elkaar moeten staan is de ruimte gauw vol. Vandaar dat we het met de diensten voorlopig toch nog doen met de online-mogelijkheden die er zijn.

Voor a.s. zondag betekent dat, dat we een dienst kunnen volgen vanuit de Doopsgezinde kerk, met ds. Annegreet van der Wijk als voorganger. Kijkt u daarvoor op www.dgbussum-naarden.doopsgezind.nl

Ik wens u weer een goede week toe!
Marijke Katerberg-Muns

Hemelvaart. (Handelingen 1: 1-14 )

Kijken wij eens naar dit fresco van Giotto.
Giotto was een schilder uit de vroege renaissance uit omgeving van Florence. Beneden zien we de apostelen, de twaalf leerlingen die Jezus had uitgekozen. O nee, het zijn er nu elf, tel maar, want de twaalfde was Judas en die heeft Jezus verraden. Hun hoofden zijn omgeven door een aureool, een stralenkrans, een lichtcirkel, teken van hun verlichtheid, hun heiligheid. Bij hen, links, Maria, de moeder van Jezus, als enige vrouw, en herkenbaar aan haar blauwe kleding. Blauw is symbool voor de hemel, zij is in de traditie de hemelkoningin. Allen liggen in aanbidding op de knieën, Maria heeft de handen gevouwen. Allen kijken omhoog naar Jezus die omhoog geheven wordt in een wolk. Ook om zijn hoofd een aureool, maar bij hem is daarbinnen ook een kruisteken te zien. Bovendien is ook nog zijn gehele lichaam omgeven door een ovaalvormige stralenkrans, een zogeheten mandorla. Op zijn hemelvaart wordt hij ontvangen en vergezeld door een legioen van engelen. Jezus heft de armen hoog als grijpt hij vooruit naar de plek die hij daar gaat innemen aan de rechterhand van zijn hemelse vader. Beneden, op de aarde, zien we de twee mannen in witte gewaden, die zeggen ‘wat staan jullie daar naar de hemel te kijken? Jezus zal op dezelfde manier ook weer terugkomen.’

De boodschap van hemelvaart wordt zo helder. Hij is niet meer hier, hij is in de hemel. Hij komt weer terug, eens, ooit, om alles te voltooien. En wij leven in de tussentijd. Wij moeten het nu zelf doen, in praktijk brengen wat hij ons heeft geleerd en heeft voorgeleefd. Daarmee kunnen we werken aan een beetje hemel op aarde, aan een samenleving met meer menselijkheid en mededogen.
ds. Peter Korver

Ons rugzakje
Het is al weer een aantal jaren geleden dat de vrijzinnige predikant Klaas Hendrikse een boekje schreef onder de titel Geloven in een God die niet bestaat. Het werd een bestseller. Hendrikse was een atheïstische theoloog, die zich niet langer kon vinden in het traditionele godsgeloof. Daarin wordt God voorgesteld als een persoonlijk wezen dat ingrijpt in de gang der natuur en het leven van mensen. Mede door de verschrikkelijke dingen door het nationaal-socialistische bewind in het Westen begaan en die door de Japanners in het Oosten, zijn velen hun geloof in God, zoals dat in de traditie leefde en deels nog wordt geleerd, kwijt geraakt. Daarom sloeg het boek van ds. Hendrikse zó aan. Men herkende zich in diens problemen met de bestaande theologie. Hij aanvaardde echter de mogelijkheid toch zinvol over God te spreken zonder de oude voorstellingen aangaande God op te vatten als feitelijk juist. Het ging hem om een spreken over God in de trant van een “alsof”. Je kunt dan spreken van een symbolische betekenis.

Maar er is iets anders dat zijn boek interessant maakt. Dat is het beeld van een rugzakje dat we allemaal, ons leven lang, met ons meedragen. Het is een heel verhelderend beeld. Dat rugzakje bevat de erfenis die wij met ons meenemen en die bestaat uit het geheel van al wat wij in ons leven hebben ontvangen, bestaande uit ervaringen, opvattingen en overtuigingen, en onze verwerking daarvan. Hendrikse wijst erop dat wij steeds weer nieuwe dingen in dat rugzakje stoppen, maar er ook dingen uithalen.

Dat betekent dat we, zo lang wij leven, nieuwe indrukken ontvangen en nieuwe inzichten opdoen. Maar soms halen we ook dingen uit ons rugzakje, die we niet meer aanvaarden.

Ik herinner mij dat indertijd de vrijzinnig-hervormde predikant in Rijswijk, ds. P. Jonges, ons voorhield dat je nooit bij het doen van belijdenis kan beloven later altijd vast te houden aan het geloof dat je nu huldigt. Hij zag in, dat mensen zich gedurende hun leven blijven ontwikkelen. Dat geldt ook voor het geloof.

En het was prof. dr. L.J. van Holk, godsdienstwijsgeer in Leiden, die ons, studenten, voorhield eens in de vijf jaar eens na te gaan wat je dan gelooft en vast te stellen hoe je geloofsinhoud eventueel is veranderd.

Nu we meer thuis moeten blijven is het misschien zinvol eens ons rugzakje te inspecteren. We zullen dan waarschijnlijk zien hoe we in de loop van de tijd, wellicht onbewust, heel andere opvattingen zijn gaan huldigen. Maar we zullen ongetwijfeld op verschillende punten ook op overtuigingen stuiten die niet veranderd zijn.

Ieders rugzakje bevat een persoonlijke inhoud. Het is boeiend om, als we weer samen kunnen komen, met elkaar opnieuw in gesprek te komen en elkaar te verrijken met die onderling verschillende inhoud van onze rugzakjes. Want dat maakt een vrijzinnige gemeenschap zo boeiend.

We zijn geen gelóófsgemeenschap in de zin, dat wij één en hetzelfde geloof delen, maar wèl een gemeenschap in die zin, dat we in alle openheid met elkaar willen delen in wat we gedurende ons leven aan inzichten en overtuigingen hebben verworven. De gedachten van anderen kunnen ons verrijken, en daar waar wij van inzicht verschillen ons helpen ons meer bewust te maken van onze eigen overtuiging.
dr. Rob Nepveu

Ten slotte:
Afgelopen zondag was het muziekprogramma Podium Witteman te zien op tv. De cabaretier Paul van Vliet, inmiddels 83, mocht het afsluiten met het zingen van een bekend lied van hem, ‘Ik drink op mensen’. We mogen dankbaar zijn voor al die mensen die ondanks alles onvermoeibaar blijven ijveren voor een leefbare wereld!

Ik drink op de mensen
Die bergen verzetten
Die door blijven gaan met hun kop in de wind
Ik drink op de mensen
Die risico’s nemen
Die blijven geloven
Met het geloof van een kind

Ik drink op de mensen
Die dingen beginnen
Waar niemand van weet wat de afloop zal zijn
Ik drink op de mensen
Van wagen en winnen
Die niet willen weten van water in wijn

Ik drink op de mensen
Die blijven vertrouwen
Die van tevoren niet vragen
‘Voor hoeveel’ en ‘waarom’
Ik drink op de mensen
Die door blijven douwen
Van doe het maar wel
En kijk maar niet om

Ik drink op het beste
Van vandaag en van morgen
Ik drink op het mooiste waar ik van hou
Ik drink op het maximum
Wat er nog in zit
In vandaag en in morgen
In mij en in jou

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *